De stevige wind heeft de bomen van hun bladeren ontdaan
Zodat nu alleen de stam, de kern ervan blijft staan

In de lente was sprake van een voorzichtige en ontluikende groene waas
In de zomer was – op het oog – het stevig groen de stam de baas

Maar nu, kaal, naakt en zonder zorgen
Wacht de stam op de dag van morgen

Geen begeerte naar de bladerjas van toen
Ook niet wanhopig op zoek naar groen

Ja, er zal kou, vorst en misschien ijzel zijn
Maar de stam krijg je niet klein

Stevig blijft wachtend staan
Bereid om met alles om te gaan

Hij blijft zichzelf en tevreden met wat is
Ook al is het ontbreken van het bladerdek soms een gemis

Zo gaat het ook met ons, lieve mensen
Ook al zou je het anders wensen

Alles wat nu speelt en tot diepgaand lijden leidt
Gaat voorbij, geeft het de tijd

Niet door droevig en lijdzaam af te wachten
Maar je te richten op herstel en verzameling van je krachten

Want ook bij jou ontstaat weer een fris en levend bladerdak
Jij bent en blijft de stam, de kern en elke tak

Zie jezelf en trotseer regen, wind, storm en kou
Jouw leven leven, dat hoort bij jou

Boom